Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 december 2007

Alinea 36 Parket bij de Hoge Raad 14 december 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 december 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BB8658.

Stad Rotterdam trekt een vergelijking tussen de verdiencapaciteit van [verweerster] vóór en na de aanrijding, maar relateert de verdiencapaciteit na de aanrijding niet aan de uitoefening door [verweerster] van het beroep van wijkverpleegkundige maar aan (de mogelijkheid van haar tot) het verrichten van andere werkzaamheden. Door de situatie na de aanrijding zo in te vullen, komt Stad Rotterdam uit op het resultaat dat de verdiencapaciteit in de situatie vóór en na de aanrijding niet verschilt en dat er dus geen schade is. De invulling door Stad Rotterdam van de situatie na de aanrijding stoelt kennelijk op de opvatting dat reeds de aanwezigheid van de mogelijkheid voor [verweerster] om in een ander verband een min of meer gelijk inkomen te verdienen, meebrengt dat tot afwezigheid van schade kan en moet worden geconcludeerd. Voor de vraag of van [verweerster] wel gevergd kan worden dat zij van die mogelijkheid gebruik maakt, acht Stad Rotterdam kennelijk geen ruimte. Die opvatting vindt, zoals hierna nog nader zal worden uiteengezet, geen steun in het recht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a9ec19ca4954bbc289bd66df499d5d0f25a7ed12daab332743236cbaf86ced26. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a9ec19ca4954bbc289bd66df499d5d0f25a7ed12daab332743236cbaf86ced26, en de alinea staat in dat document op bytes 14974 tot 16065.