Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 november 2007

Alinea 232 Parket bij de Hoge Raad 30 november 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 november 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BB9024.

4.6. (...) Voor zover het onderdeel klaagt dat het Hof weliswaar oordeelt dat het onderhavige dividend niet aangemerkt kan worden als door belanghebbende te zijn genoten, maar niet aangeeft door welk lichaam het dan wel zou zijn genoten, mist het feitelijke grondslag, aangezien in 's Hofs hiervoor onder 4.2 weergegeven vaststelling besloten ligt dat N degene is die geacht moet worden dat dividend te hebben genoten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d4e5bdd1dc5bff7a81dcf708bec7bbe69aaecd72d164c34e3181a7e3b0953803. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d4e5bdd1dc5bff7a81dcf708bec7bbe69aaecd72d164c34e3181a7e3b0953803, en de alinea staat in dat document op bytes 65717 tot 66148.