Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 december 2007
Alinea 38 Parket bij de Hoge Raad 7 december 2007
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 december 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BB9613.
"3.5.1 (...) Deze fundamentele regel van hoor en wederhoor heeft uiteraard ook betrekking op het kennis kunnen nemen van en adequaat kunnen reageren op bescheiden die (kort) vóór of bij gelegenheid van een terechtzitting waarop zij aan de orde komen, worden overgelegd. Zolang het gaat om stukken waarvan de aard en omvang klaarblijkelijk geen beletsel vormen om daarvan binnen de beschikbare tijd kennis te nemen en daarop adequaat te reageren, mag de rechter, zeker als tegen de overlegging van deze bescheiden geen bezwaar is gemaakt, zonder meer aannemen dat aan deze eis is voldaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d0fb10f952c38cac6dc900fc083b8177bda58dacd82a70660796856ff5798b50. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d0fb10f952c38cac6dc900fc083b8177bda58dacd82a70660796856ff5798b50, en de alinea staat in dat document op bytes 14734 tot 15337.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d0fb10f952c38cac6dc900fc083b8177bda58dacd82a70660796856ff5798b50 | shasum -a 256