Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 februari 2008

Alinea 52 Parket bij de Hoge Raad 19 februari 2008

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 februari 2008, ECLI:NL:PHR:2008:BA7674.

3.9. Het hof beroept zich op een beslissing van de rechtbank in de ontnemingszaak tegen [betrokkene 2], waarin de rechtbank heeft overwogen dat het in beslag genomene in feite indirect toebehoort aan [betrokkene 2]. Ervan uitgaande dat [betrokkene 2] eigenaar is van de inbeslaggenomen onroerende goederen is duidelijk dat niet buiten redelijke twijfel staat dat klaagster als eigenaar van het voorwerp moet worden aangemerkt. Dan lijkt dus aan de voorwaarde voor ongegrondverklaring van het beklag te zijn voldaan. Maar zo eenvoudig ligt de zaak mijns inziens niet. De vraag dringt zich allereerst op of het hof in onderhavige beklagzaak niet had moeten aannemen dat sprake was van een schijnconstructie als bedoeld in art. 94a lid 3 Sv en dus had moeten toetsen of aan de daar genoemde eisen is voldaan. Tevens rijst de vraag of in dit geval wel conservatoir beslag kon worden gelegd op een registergoed.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/690aebd36d676c7cb8e7e1a3ffee208e3f80af1d8efdb779a5947d461fd58bc2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 690aebd36d676c7cb8e7e1a3ffee208e3f80af1d8efdb779a5947d461fd58bc2, en de alinea staat in dat document op bytes 21368 tot 22287.