Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 februari 2008
Alinea 39 Parket bij de Hoge Raad 26 februari 2008
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 februari 2008, ECLI:NL:PHR:2008:BC0813.
13. Ten overvloede merk ik nog op dat het verweer zelfs niet inhield dat verzoeker gedurende het in de tenlastelegging genoemde tijdvak niet aangemerkt had kunnen worden als "koopman" in de zin van de toepasselijke bepalingen van Belgisch recht. De in hoger beroep overgelegde pleitaantekeningen suggereren integendeel dat verzoeker zich, ook nadat hij zich in [land B] had gevestigd, is blijven inspannen om als ondernemer te blijven opereren, hetgeen na aanvankelijke problemen met de Belgische autoriteiten heeft geleid tot een bedrijf dat jaarstukken had geproduceerd. Mede met het oog op de omstandigheid dat voor de toepassing van de desbetreffende bepalingen van Belgisch recht "koopman" geen formeel begrip is (vgl het in de toelichting op het middel genoemde T.M. Bos, Grensoverschrijdend faillissementsrecht in Europees perspectief, Amsterdam 2000, p. 98), was het verweer dat verzoeker zich had laten vertellen dat hij als Belgisch ingezetene niet failliet verklaard zou kunnen worden, gebrekkig onderbouwd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c2206f06aef177759cb457a341d8f589ca69b5ac12b349113b659938736241b3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c2206f06aef177759cb457a341d8f589ca69b5ac12b349113b659938736241b3, en de alinea staat in dat document op bytes 16801 tot 17832.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c2206f06aef177759cb457a341d8f589ca69b5ac12b349113b659938736241b3 | shasum -a 256