Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2008

Alinea 206 Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2008

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2008, ECLI:NL:PHR:2008:BC7421.

15.3 Het Hof heeft het noodzaakcriterium toegepast en dat was de maatstaf aan de hand waarvan het ter terechtzitting gedane verzoek diende te worden beoordeeld. De tweede klacht van het middel mist dus feitelijke grondslag. Anders dan in de toelichting op het middel nog is gesteld, is dat oordeel, voor zover daaraan ten grondslag is gelegd de opvatting dat geen wezenlijke inbreuk is gemaakt op het recht op ondervraging, niet onbegrijpelijk, in aanmerking genomen dat bij een tweetal eerdere verhoren door de Rechter-Commissaris de raadsman ruime gelegenheid heeft gehad om de getuige te ondervragen en gelet op wat het Hof heeft overwogen over de gang van zaken ten aanzien van de derde rogatoire commissie op 9 januari 2007.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9d89190225475fe420ac93680fb045b655f445b2802d67340b207f03f885fc78. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9d89190225475fe420ac93680fb045b655f445b2802d67340b207f03f885fc78, en de alinea staat in dat document op bytes 91162 tot 91905.