Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2008
Alinea 87 Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2008
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2008, ECLI:NL:PHR:2008:BC7921.
3.10. Uit bewijsmiddel 1. blijkt dat verdachte zich ten tijde van de hem verweten gedraging op de trap in het trappenhuis van de flat Eeftink bevond. Dat een trappenhuis van een flat kenbaar van de omgeving is afgescheiden lijkt mij voldoende duidelijk, nu het trappenhuis onderdeel is van het wooncomplex en naar algemene ervaringsregelen toegankelijk is via een deur.(3) Anders dan het middel verdedigt behoeft het lokaal niet geheel afgesloten te zijn, vergelijk hiertoe HR 4 december 2007, LJN BB7104, rov 4.2: het erf behoeft ook niet geheel 'afgesloten' te zijn om als 'besloten' aangemerkt te kunnnen worden.(4) In het zojuist genoemde HR 23 november 1971, NJ 1972, 76 conformeerde de Hoge Raad zich aan de stelling van het hof dat het niet van belang was dat het kantoor van de Mexicaanse ambassade op bepaalde uren voor het publiek was opengesteld, nu het nog wel 'kenbaar van de omgeving was afgescheiden'.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3edbbd71b9d390e879ece07c996616db63245e1156fffa2c7cbd5aa4a2bf499f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3edbbd71b9d390e879ece07c996616db63245e1156fffa2c7cbd5aa4a2bf499f, en de alinea staat in dat document op bytes 27634 tot 28564.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3edbbd71b9d390e879ece07c996616db63245e1156fffa2c7cbd5aa4a2bf499f | shasum -a 256