Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2008
Alinea 32 Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2008
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2008, ECLI:NL:PHR:2008:BC9015.
Een complicatie kan optreden indien het voorhanden hebben van de desbetreffende voorwerpen naar het recht van de aangezochte staat een strafbaar feit oplevert. Zie voor een voorbeeld waarin de Nederlandse autoriteiten naar aanleiding van een Duits uitleveringsverzoek bescheiden, onder meer valse paspoorten, hadden inbeslaggenomen HR 22 juni 2004, NJ 2004, 466. Nadat de BRD het uitleverings- en rechtshulpverzoek had ingetrokken, nam de Officier van Justitie die paspoorten op grond van art. 94 Sv wegens verdenking van overtreding van art. 225 en 231 Sr in beslag. De Hoge Raad overwoog dat de intrekking van het verzoek die bevoegdheid van de Officier van Justitie onverlet liet.(7) Een dergelijke situatie zou zich in beginsel ook in een geval als het onderhavige kunnen voordoen indien de Nederlandse beklagrechter oordeelt dat het belang van strafvordering de voortduring van het beslag niet vordert, maar de Spaanse autoriteiten uit eigen hoofde beslag leggen. Dan zal een last tot teruggave niet kunnen worden gerealiseerd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3ee4def03532d478223ce58579562a065fd1da59667c437b68ae9dc5ff9f0988. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3ee4def03532d478223ce58579562a065fd1da59667c437b68ae9dc5ff9f0988, en de alinea staat in dat document op bytes 14409 tot 15455.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3ee4def03532d478223ce58579562a065fd1da59667c437b68ae9dc5ff9f0988 | shasum -a 256