Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2008

Alinea 42 Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2008

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2008, ECLI:NL:PHR:2008:BC9186.

10. Gelet op het vorenstaande kunnen de smadelijke uitlatingen van de verdachte in het onderhavige geval aangemerkt worden als "telastlegging van een bepaald feit" zoals bedoeld in art. 261 Sr. De beschuldigingen van de verdachte kunnen immers niet anders worden verstaan dan dat zij met voldoende duidelijkheid de suggestie dienen te wekken dat de beschuldigde (vermeende) ontuchtige handelingen zou hebben gepleegd jegens zijn dochtertje. In het bestreden arrest ligt als het oordeel van het Hof besloten dat de in de bewijsmiddelen bedoelde inhoud van de brief van de verdachte duidelijk te onderkennen concrete gedragingen aanwijst, zodat de beschuldigingen het karakter dragen van smaad. Dit oordeel geeft geen blijk van een onjuiste rechtsopvatting, is evenmin onbegrijpelijk en kan als van feitelijke aard in cassatie niet verder worden getoetst.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fca82efd8bcc467dbcfd4fbc16c0fac6bddee59d9a1705b41e8bb3673e59a93e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fca82efd8bcc467dbcfd4fbc16c0fac6bddee59d9a1705b41e8bb3673e59a93e, en de alinea staat in dat document op bytes 15304 tot 16170.