Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2008
Alinea 58 Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2008
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2008, ECLI:NL:PHR:2008:BC9186.
20. Verder wil ik over deze klacht in het algemeen nog opmerken dat het oordeel van het Hof mijns inziens niet getuigt van een onjuiste rechtsopvatting en evenmin onbegrijpelijk is, met name gelet op het feit dat de verdachte de anonieme brief heeft verstuurd zeer korte tijd na de beëindiging van haar relatie met de beschuldigde, alsmede gelet op de inhoud en aard van de door haar gestuurde brief en sms-berichten. Hieruit heeft het Hof afgeleid dat het niet anders kan dan dat de verdachte motieven van persoonlijke aard heeft gehad, namelijk dat haar handelen is ingegeven door wraakzucht. Nu persoonlijke wraakuitoefening niet strookt met het dienen van het algemeen belang, kan niet gesteld worden dat de verdachte te goeder trouw heeft kunnen menen dat het algemeen belang de wijze van tenlastelegging rechtvaardigde.(6) De derde klacht van het middel faalt daarom. Het Hof heeft het verweer terecht en op toereikende gronden verworpen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fca82efd8bcc467dbcfd4fbc16c0fac6bddee59d9a1705b41e8bb3673e59a93e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fca82efd8bcc467dbcfd4fbc16c0fac6bddee59d9a1705b41e8bb3673e59a93e, en de alinea staat in dat document op bytes 23130 tot 24088.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fca82efd8bcc467dbcfd4fbc16c0fac6bddee59d9a1705b41e8bb3673e59a93e | shasum -a 256