Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 november 2008
Alinea 76 Parket bij de Hoge Raad 28 november 2008
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 november 2008, ECLI:NL:PHR:2008:BE9104.
2.51 Onderdeel b betoogt dat de rechtbank op ondeugdelijke gronden in rov. 2.6 t/m 2.13 tot uitdrukking heeft gebracht dat met de notariële akte van 3 december 1991 en de onderhandse akte van 3 januari 1993 sprake is geweest van overdracht van de economische eigendom van de onroerende zaken waarvan onteigening van die zaken met zich brengt dat de schade van de economische eigenaar wel als onteigeningsgevolg kan worden aangemerkt onder verwijzing naar HR 10 augustus 1995, NJ 1996, 614 en HR 31 januari 1996, NJ 1996, 615. Het onderdeel betoogt dat de akte van 3 december 1991 en de onderhandse akte van 3 januari 1993 niet met zich brengen dat voor de toepassing van het onteigeningsrecht in het onderhavige geval de juridische eigenaar [eiser c.s.] zou moeten worden vereenzelvigd met de contractspartij [betrokkene 1] als economisch eigenaar.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/21b9a708d90c82afd2697ae5d471310a19660e87701102c44c0ef1e3ca006ef4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 21b9a708d90c82afd2697ae5d471310a19660e87701102c44c0ef1e3ca006ef4, en de alinea staat in dat document op bytes 47325 tot 48188.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/21b9a708d90c82afd2697ae5d471310a19660e87701102c44c0ef1e3ca006ef4 | shasum -a 256