Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 november 2008

Alinea 30 Parket bij de Hoge Raad 14 november 2008

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 november 2008, ECLI:NL:PHR:2008:BF0407.

4. De rechtbank is tot de slotsom gekomen dat de verkochte zaak niet de eigenschappen had die [eiser] mocht verwachten. Zij heeft in dat verband overwogen dat de gemeente, die wist dat [eiser] in het voormalige kantoorpand een restaurant wilde vestigen zodat sprake was van (bekendheid met een) bijzonder gebruik, wist althans had moeten weten dat de zaak voor dat bijzondere gebruik ongeschikt was en daaromtrent mededelingen had moeten doen aan koper [eiser] nu er een rapport was van de afdeling Bouw- en Woningtoezicht uit 1991 waaruit kon worden afgeleid dat de vloer niet geschikt was voor een restaurantfunctie en het op haar weg had gelegen niet alleen om die gegevens op te vragen maar ook om daaromtrent vervolgens mededelingen te doen aan de koper. Nu zij dat heeft nagelaten, is zij - aldus de rechtbank - tekortgeschoten in haar mededelingsplicht jegens de koper. Bij eindvonnis van 10 maart 2004 heeft de rechtbank de vorderingen van de gemeente in conventie afgewezen. In reconventie heeft zij de koopovereenkomst ontbonden en de vordering tot schadevergoeding afgewezen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7bdaa5fe185015c35a4edea3b48f39f584be1570f7913e050224c282c4ce7ed7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7bdaa5fe185015c35a4edea3b48f39f584be1570f7913e050224c282c4ce7ed7, en de alinea staat in dat document op bytes 12886 tot 13986.