Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 januari 2009

Alinea 136 Parket bij de Hoge Raad 16 januari 2009

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 januari 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BB3371.

5.4. Het geschil in onze zaken betreft uiteindelijk de vraag of de vaststellingsovereenkomst tussen de banken en de fiscus materieel mede een inhouding en afdracht inhoudt van dividendbelasting door K ten laste van de belanghebbenden. Mijns inziens zijn daarom in casu "de op de zaak betrekking hebbende stukken" in de zin van art. 7:4, lid 2, resp. art. 8:42 Awb alle stukken die voor die vraag relevant kunnen zijn. Dat wil overigens niet zeggen dat al die stukken ook overgelegd moeten worden. Er kan immers een "gewichtige reden" zijn om dat niet te doen. Ook kan zich het geval voordoen waarin overlegging in redelijkheid niet verlangd kan worden wegens praktische ondoenlijkheid of feitelijke onmogelijkheid.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/175aaaeb1774169be3b7698c213f128f090cb6607ddadfb43b8bb59dd96c806c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 175aaaeb1774169be3b7698c213f128f090cb6607ddadfb43b8bb59dd96c806c, en de alinea staat in dat document op bytes 56825 tot 57553.