Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 januari 2009

Alinea 146 Parket bij de Hoge Raad 16 januari 2009

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 januari 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BB3371.

5.12. Voorzover middel II tegen argument (ii) is gericht acht ik het ook in dit opzicht gegrond, nu argument (ii) opnieuw impliceert dat het Hof de beslechting van het geschil (de uitleg van de overeenkomst) bepalend acht voor de vraag welke stukken relevant zouden kunnen zijn. Voor zover middel II is gericht tegen 's Hofs r.o. 5.15 raakt het mede 's Hofs argument (i). Het middel bestrijdt 's Hofs oordeel dat voor deze zaken niet relevant zijn stukken die overwegend betrekking hebben op besprekingen en overleg die niet tot de overeenkomst hebben geleid, alsmede stukken die geen wezenlijk nieuwe of andere elementen voor de beoordeling van de overeenkomst opleveren dan de reeds overgelegde. Het middel overlapt aldus ook met middel III, dat 's Hofs oordeel bestrijdt dat bij het al dan niet heropenen van het onderzoek (art. 8:68 Awb; zie hierna onder 5.13) van belang is dat niet alle besprekingen met de fiscus voor de beoordeling van de vaststellingsovereenkomst relevant zijn (r.o. 5.15).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/175aaaeb1774169be3b7698c213f128f090cb6607ddadfb43b8bb59dd96c806c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 175aaaeb1774169be3b7698c213f128f090cb6607ddadfb43b8bb59dd96c806c, en de alinea staat in dat document op bytes 63846 tot 64859.