Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 januari 2009
Alinea 183 Parket bij de Hoge Raad 16 januari 2009
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 januari 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BB3371.
8.7. De Procesregeling belastingkamers gerechtshoven 2005(20) bevat geen vergelijkbare bepaling. Dan resteert als cassatiegrond de goede procesorde. Ik meen dat die in casu geschonden is. 's Hofs werkwijze zal, anders dan die van de rechtbanken en de andere bestuursrechtelijke colleges, de inspecteur ervan kunnen weerhouden stukken aan de rechter over te leggen. Om de feitenrechter in staat te stellen een verzoek om beperkte kennisneming ex art. 8:29 Awb te beoordelen, alsmede om ingeval van weigering van overlegging de consequenties te kunnen beoordelen, is kennisneming door het hof niettemin wenselijk. Bij een verzoek om beperkte kennisneming zal de verzoeker in de regel de stukken aan het hof overleggen. Komt het hof tot het oordeel dat er geen gewichtige redenen zijn voor beperkte kennisneming, dan moet de verzoeker mijns inziens mede op basis van het oordeel van het hof de gelegenheid krijgen (opnieuw) zijn procespositie te bepalen, met name om een (nieuwe) afweging te maken tussen overleggen en niet-overleggen. Kiest de verzoeker er voor zijn belang bij niet-overleggen zwaarder te laten wegen, dan kan het hof ex art. 8:31 Awb daar de gevolgen uit trekken die hem geraden voorkomen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/175aaaeb1774169be3b7698c213f128f090cb6607ddadfb43b8bb59dd96c806c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 175aaaeb1774169be3b7698c213f128f090cb6607ddadfb43b8bb59dd96c806c, en de alinea staat in dat document op bytes 84422 tot 85640.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/175aaaeb1774169be3b7698c213f128f090cb6607ddadfb43b8bb59dd96c806c | shasum -a 256