Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2009
Alinea 110 Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2009
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BC5201.
4.44 Het OESO-Commentaar (tekst 2005) gaat niet expliciet in op de situatie van territoriale compartimentering van inkomensbestanddelen die in twee of meer jurisdicties zijn aangegroeid (multiple residence taxation(23)).(24) OESO-gemodelleerde verdragen zien niet specifiek op exit-heffingen, want die worden juist opgelegd (onmiddellijk) voorafgaande aan emigratie, dus vóórdat een verdrag van toepassing dreigt te worden.(25) Ik meen dat het begrip "voordelen" in het OESO-conforme art. 13, lid 4, Verdrag met België 1970 ook kan omvatten niet-gerealiseerde (maar werkelijk aanwezige en zich voor belening of verpanding lenende) vermogenswaardestijging bij emigratie of bij een jaarlijkse verplichte herwaardering (vermogensaanwasbelasting). Nederland had in plaats van voor een conserverende aanslag bij emigratie ook kunnen kiezen voor een (al dan niet forfaitaire) periodieke heffing over a.b.-waardestijgingen van zijn inwoners (zoals thans bij niet-a.b.-houders in box 3 gebeurt). Bij een dergelijke a.b.-aanwasbelasting zou de gedachte aan treaty override niet snel opkomen.(26) Een conserverende aanslag gaat minder ver dan een (acute) vermogensaanwasbelasting omdat de invordering voorwaardelijk en verjaringsgebonden is: er wordt uitstel verleend dat bij niet-realisatie binnen tien jaar uitmondt in afstel. Nu de Nederlandse belastingverdragen van vóór 1997, inclusief het Verdrag met België 1970, geen regels geven voor verdeling tussen opvolgende woonlanden van heffingsrechten over waarde-aangroei van aandelen, kan de rechter op die verdragen niet een keuze baseren tussen een verplichte step up in de immigratiestaat en een verbod op conserverende heffing door de emigratiestaat. Mijns inziens is art. 13, paragraaf 5, Verdrag met België 1970 niet zo'n regel, nu deze bepaling slechts ziet op de situatie van een inwoner die inkomsten uit buitenlandse bron geniet. Deze bepaling staat niet in de weg aan Nederlandse heffing over Nederlandse waardeaangroei tijdens Nederlands inwonerschap. Nederland (i) heft als emigratiestaat slechts conserverend over de waarde-aangroei tijdens het Nederlandse inwonerschap, (ii) geeft andersom als immigratiestaat een step up en (iii) verleent als emigratiestaat een reverse credit als de immigratiestaat eveneens blijkt te heffen over de aan de Nederlandse periode toerekenbare waarde-aangroei. Nederland belast dus niet de winst die bij latere daadwerkelijke realisatie in de andere Staat genoten wordt, maar slechts de aan het Nederlandse inwonerschap toerekenbare deel.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3ee4bb752aad7654b7afa96507d768d6c1d18a5615b2af589ed1074e387e82fa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3ee4bb752aad7654b7afa96507d768d6c1d18a5615b2af589ed1074e387e82fa, en de alinea staat in dat document op bytes 57444 tot 59990.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3ee4bb752aad7654b7afa96507d768d6c1d18a5615b2af589ed1074e387e82fa | shasum -a 256