Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2009

Alinea 150 Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2009

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BC5201.

7.5 Twijfel aan deze gevolgtrekking rijst echter door het volgende: de EG-Commissie is in 2004 een infractieprocedure begonnen tegen (onder meer) België ter zake van diverse vrij-verkeerbelemmerende bepalingen in de Belgische belastingwetgeving die erop gericht zijn claimverlies door emigratie te voorkomen ter zake van in België (gefacilieerd) opgebouwd pensioen/lijfrentekapitaal. Uit het arrest van het HvJ EG volgt dat het Belgische art. 364bis WIB pas aangreep (het belastbare feit zich pas voordeed) bij daadwerkelijke uitbetaling (of overbrenging naar het buitenland) van het kapitaal, dus pas als de genieter al inwoner van de andere Staat was, zij het dat die daadwerkelijke betaling geacht werd eerder in de tijd te hebben plaatsgevonden, nl. daags vóór emigratie. Het HvJ EG achtte deze regeling in strijd met de EG-Verdragsvrijheden van diensten- en personenverkeer, hoewel de hoogste Belgische belastingrechter al beslist had dat in belastingverdragsituaties het heffingsrecht aan de andere Staat toekwam en België dus feitelijk toch al niet kon heffen. Het Hof oordeelde nogal summierlijk als volgt over art. 364bis van het Belgische Inkomstenbelastingwetboek (het arrest betreft daarnaast een groot aantal andere aspecten van het Belgische fiscale pensioenstelsel die allemaal onverenigbaar waren met de EG-verkeersvrijheden):(38)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3ee4bb752aad7654b7afa96507d768d6c1d18a5615b2af589ed1074e387e82fa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3ee4bb752aad7654b7afa96507d768d6c1d18a5615b2af589ed1074e387e82fa, en de alinea staat in dat document op bytes 84454 tot 85818.