Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 oktober 2009

Alinea 61 Parket bij de Hoge Raad 9 oktober 2009

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 oktober 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BC9544.

5.3. Alvorens toe te komen aan de vraag of één van de hiervóór in 5.2 bedoelde uitzonderingen van toepassing is, dient te worden beoordeeld of in casu sprake is van een onjuiste tenaamstelling. Daartoe dient de vraag te worden beantwoord welke naam een naheffingsaanslag moet vermelden in gevallen - zoals het onderhavige - waarin een rechtspersoon vóór de vaststelling van de naheffingsaanslag, doch ná het tijdvak waarop deze aanslag betrekking heeft, een naamswijziging ondergaat. Het komt mij voor dat in beginsel de nieuwe naam van de rechtspersoon zou moeten worden gehanteerd. In dit verband wijs ik op de uitspraak van Hof Arnhem van 11 oktober 2006, nr. 04/00821 (V-N 2007/16.1.2), waarin dit Hof oordeelde dat de naheffingsaanslag die werd opgelegd aan een stichting die ter gelegenheid van een juridische fusie - waarbij zij de verkrijgende rechtspersoon was - van naam veranderde, terecht de nieuwe naam van de desbetreffende stichting vermeldde, ook voor zover de naheffingsaanslag betrekking had op de periode vóór de naamswijziging.(10)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ee88e89ec92d5b6b96ff98018a91567a4dc1ec2064746a961f33ad96960a3a89. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ee88e89ec92d5b6b96ff98018a91567a4dc1ec2064746a961f33ad96960a3a89, en de alinea staat in dat document op bytes 25669 tot 26743.