Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 oktober 2009

Alinea 65 Parket bij de Hoge Raad 9 oktober 2009

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 oktober 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BC9544.

5.6. Resteert nog de vraag of - nu de Inspecteur op de hoogte was van de naamswijziging van belanghebbende - de onjuistheid in de naheffingsaanslagen zodanig gering van aard is dat er geen misverstand kon bestaan voor wie zij bestemd waren. In zijn onder 3.2 van deze conclusie aangehaalde rechtsoverweging 4.3 heeft het Hof deze vraag bevestigend beantwoord. Het Hof heeft daarbij in aanmerking genomen het rapport van het boekenonderzoek, het feit dat de bezwaarschriften tegen de eerste naheffingsaanslagen (die van 26 juni 1999) met instemming van belanghebbende zijn aangemerkt als bezwaarschriften tegen de thans in geschil zijnde naheffingsaanslagen en de omstandigheid dat belanghebbende eerst over de tenaamstelling klaagt in haar vóór het tweede nadere onderzoek ter zitting aan het Hof gezonden brief van 26 januari 2005. Ik acht dit oordeel van het Hof niet onbegrijpelijk en evenmin onvoldoende gemotiveerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ee88e89ec92d5b6b96ff98018a91567a4dc1ec2064746a961f33ad96960a3a89. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ee88e89ec92d5b6b96ff98018a91567a4dc1ec2064746a961f33ad96960a3a89, en de alinea staat in dat document op bytes 28674 tot 29610.