Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 maart 2009

Alinea 232 Parket bij de Hoge Raad 17 maart 2009

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 maart 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BF1321.

Die vrouw zei opnieuw tegen mij dat mijn neefjes daar niet waren. Ik zei toen tegen die vrouw dat ik mijn neefjes hoorde schreeuwen en dat ik ze mee wilde hebben, anders haalde ik de politie erbij. Die vrouw en ik stonden op dat moment in de hal van de woning. Even later hoorde ik de deur op de bovenverdieping open gaan en zag ik dat [slachtoffer 6] en [slachtoffer 9] naar beneden renden. Ik zei: "Kom maar bij tante [...]". [Slachtoffer 6] en [slachtoffer 9] vlogen mij vervolgens om de hals alsof ze mij al heel lang niet meer hadden gezien. Ik had de indruk dat ze echt doodsbang waren. Ik heb [slachtoffer 6] en [slachtoffer 9] meegenomen naar de woning van mijn zus aan de [c-straat]."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fe7de6104965e838113a57b4fd513c783aae3e5f82c2252bab224494032e962f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fe7de6104965e838113a57b4fd513c783aae3e5f82c2252bab224494032e962f, en de alinea staat in dat document op bytes 56254 tot 56960.