Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 maart 2009
Alinea 372 Parket bij de Hoge Raad 17 maart 2009
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 maart 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BF1321.
45. De in deze herzieningsgronden aan de orde gestelde punten raken de vraag welke eisen dienen te worden gesteld aan de inhoud van een strafdossier. Of anders gezegd: dienen alle op opsporingsonderzoekactiviteiten betrekking hebbende documenten - alsnog - door het Openbaar Ministerie in het strafdossier te worden gevoegd of kan voeging achterwege blijven als het niet van belang zijnde stukken betreft. Indien van het laatste wordt uitgegaan rijst de vraag wanneer een document niet van belang is en aan de hand van welke criteria de selectie van stukken dient plaats te vinden. Hierover bestaat nog niet in alle opzichten de gewenste duidelijkheid. Terecht heeft het College van procureurs-generaal dan ook naar aanleiding van het rapport van de CEAS besloten het Wetenschappelijk Bureau van het OM opdracht te geven advies uit te brengen over de aan een inhoud van een dossier te stellen eisen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fe7de6104965e838113a57b4fd513c783aae3e5f82c2252bab224494032e962f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fe7de6104965e838113a57b4fd513c783aae3e5f82c2252bab224494032e962f, en de alinea staat in dat document op bytes 115827 tot 116740.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fe7de6104965e838113a57b4fd513c783aae3e5f82c2252bab224494032e962f | shasum -a 256