Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 maart 2009

Alinea 389 Parket bij de Hoge Raad 17 maart 2009

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 maart 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BF1321.

62. Kortom het lijkt mij evident dat er wat dit deelaspect betreft geen sprake is van een nieuwe omstandigheid van feitelijke aard. Voor zover de aanvrager er tevens over bedoelt te klagen dat de wijze van verhoren in strijd is geweest met de van kracht zijnde regelgeving is nog het volgende van belang. Een eventueel verkeerde toepassing van het recht is geen grond voor herziening. Daarover had bij de berechting in feitelijke instantie en in cassatie kunnen worden geklaagd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fe7de6104965e838113a57b4fd513c783aae3e5f82c2252bab224494032e962f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fe7de6104965e838113a57b4fd513c783aae3e5f82c2252bab224494032e962f, en de alinea staat in dat document op bytes 129492 tot 129984.