Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 maart 2009
Alinea 569 Parket bij de Hoge Raad 17 maart 2009
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 maart 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BF1321.
78. Het Hof was ervan op de hoogte dat [betrokkene 4] aanwezig is geweest bij het verhoor van [slachtoffer 1] op 8 oktober 1999. [Betrokkene 4] had hierover immers reeds op 14 november 2000 ter terechtzitting in eerste aanleg als getuige een verklaring afgelegd. Het Hof heeft op 1 oktober 2001 het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep geschorst teneinde de opgenomen verhoren van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] verbatim te doen uitwerken. Ter terechtzitting van het Hof van 6 februari 2002 was het dossier transcript met daarin de summiere samenvatting van de inbreng van [betrokkene 4] aanwezig. Tijdens die zitting is ook [betrokkene 4] als getuige gehoord. Het Hof is derhalve in staat geweest om indien het daartoe aanleiding zag [betrokkene 4] als het bij het verhoor aanwezige familielid vragen te stellen over hetgeen zij tijdens dit verhoor heeft gezegd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fe7de6104965e838113a57b4fd513c783aae3e5f82c2252bab224494032e962f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fe7de6104965e838113a57b4fd513c783aae3e5f82c2252bab224494032e962f, en de alinea staat in dat document op bytes 167516 tot 168405.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fe7de6104965e838113a57b4fd513c783aae3e5f82c2252bab224494032e962f | shasum -a 256