Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 maart 2009
Alinea 644 Parket bij de Hoge Raad 17 maart 2009
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 maart 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BF1321.
6. Een deel van zijn verklaring komt tot stand door logische redenering c.q. deductie. Bepaalde voorvallen moeten volgens hem zo (gebeurd) zijn "omdat immers..."Dat klinkt op zichzelf wel aannemelijk, maar heeft toch minder overtuigingskracht wat betreft betrouwbaarheid. De wijze waarop [slachtoffer 7] konkludeert dat de vader van [slachtoffer 2] hem filmde (omdat hij hem immers gefilmd moet hebben want anders had hij zichzelf immers niet op de video kunnen zien) is heel goed invoelbaar. Maar onderzoeker weet niet welke statuur aan een dergelijke redenering mag worden gegeven."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fe7de6104965e838113a57b4fd513c783aae3e5f82c2252bab224494032e962f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fe7de6104965e838113a57b4fd513c783aae3e5f82c2252bab224494032e962f, en de alinea staat in dat document op bytes 192038 tot 192636.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fe7de6104965e838113a57b4fd513c783aae3e5f82c2252bab224494032e962f | shasum -a 256