Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 februari 2009
Alinea 97 Parket bij de Hoge Raad 13 februari 2009
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 februari 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BF8925.
21 Van de huurrechtelijke rechtspraak betreft een wezenlijk deel de (voor)vraag, of het desbetreffende huurobject behoort tot de categorie waarvoor de ingeroepen wettelijke regeling geldt (of juist tot een andere categorie moet worden gerekend); zie bijvoorbeeld HR 30 september 2005, NJ 2006, 101, rov. 3.4; HR 20 februari 1998, NJ 1998, 740 m.nt. PAS, rov. 4.2 - 4.3; HR 10 maart 1995, NJ 1995, 550 m.nt. PAS, rov. 3.3.1 - 3.3.2; het al uitgebreid besproken geval van HR 1 juni 1984, NJ 1985, 31 m.nt. PAS (rov. 3.1), en HR 17 mei 1974, NJ 1975, 238 "O. ten aanzien van de eerste grond". Dit onderwerp verschilt zodanig van dat dat in de onderhavige zaak (in cassatie) aan de orde is, dat ik deze jurisprudentie als wat minder richtinggevend aanmerk dan de uitspraken die in de tekst werden aangehaald. Wél (reeds) geheel in lijn met de rechtspraak die mij vooral relevant toeschijnt, lijkt mij HR 4 februari 1949, NJ 1949, 151 m.nt. DJV ("O. omtrent het eerste middel").
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2fa47e97dd23f034b53610064c6393f2e611bf60809e046b156b0d09bf1a5764. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2fa47e97dd23f034b53610064c6393f2e611bf60809e046b156b0d09bf1a5764, en de alinea staat in dat document op bytes 38997 tot 39986.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2fa47e97dd23f034b53610064c6393f2e611bf60809e046b156b0d09bf1a5764 | shasum -a 256