Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 juli 2009
Alinea 263 Parket bij de Hoge Raad 10 juli 2009
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 juli 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BG4156.
12.5. Ik meen daarom dat de rechter niet verder kan gaan dan ingrijpen in de wettelijke bewijslastverdeling. Maar ook rechterlijk ingrijpen daarin is niet zonder beleidskeuzeproblemen. U zou kunnen overwegen om de wetgever, net als in het (eerste) arbeidskostenforfait-arrest,(96) op de onverenigbaarheid van de combinatie van de twee litigieuze maatregelen met het EVRM te wijzen en het aan hem overlaten die onverenigbaarheid weg te nemen, al dan niet onder het stellen van een termijn (prospective overruling), met name nu bij een ingreep in de bewijslastverdeling weer een keuze gemaakt moet worden: toelaten van tegenbewijs door de bestemmeling, of terugkeren naar de hoofdregel dat degene die verzendt, bewijst?
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/00a2eee9d1ddf9f83148fc37014ade86c254b03290cf02ea609d63e253821824. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 00a2eee9d1ddf9f83148fc37014ade86c254b03290cf02ea609d63e253821824, en de alinea staat in dat document op bytes 119116 tot 119847.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/00a2eee9d1ddf9f83148fc37014ade86c254b03290cf02ea609d63e253821824 | shasum -a 256