Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 februari 2009

Alinea 57 Parket bij de Hoge Raad 17 februari 2009

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 februari 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BG6607.

5. Bij de beoordeling van het middel moet het volgende voorop worden gesteld. Het onderzoek dat de rechter moet instellen als de veroordeelde het verweer voert dat door de omzetting van de straf de strafrechtelijke positie van hem dreigt te worden verzwaard als bedoeld in art. 11, eerste lid onder d, van het Verdrag inzake de overbrenging van gevonniste personen (Trb. 1983, 74) zal niet steeds kunnen resulteren in een met precisie te geven antwoord. De werkelijke duur van de detentie in het buitenland is - alhoewel gebruikelijk ingebed in een systeem van vervroegde of voorwaardelijke invrijheidstelling dat veelal in beginsel kenbaar is - dikwijls afhankelijk van omstandigheden en beslissingen die ten tijde van de executieovername nog onbekend zijn. Dat kan ertoe leiden dat de rechter zijn oordeel noodgedwongen moet baseren op de waarschijnlijkheid van de onderscheiden strafrechtelijke positie van de veroordeelde in de staat van veroordeling dan wel de staat van tenuitvoerlegging.(2)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dcf5f44e2017449b2fd4ba5f98651e84b67a4b8bf6d522a5ada03339f83d6294. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dcf5f44e2017449b2fd4ba5f98651e84b67a4b8bf6d522a5ada03339f83d6294, en de alinea staat in dat document op bytes 18064 tot 19075.