Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 februari 2009

Alinea 10 Parket bij de Hoge Raad 10 februari 2009

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 februari 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BH2413.

4. Het arrest van het ERHM van 25 oktober 2007 is gewezen naar aanleiding van een klacht van aanvrager, welke hij heeft ingediend nadat de Hoge Raad bij arrest van 8 juli 2003 het cassatieberoep tegen het arrest waarvan herziening wordt gevraagd, had verworpen. De klacht had betrekking op het opnemen door [betrokkene 1] van telefoongesprekken die hij met aanvrager voerde met behulp van door de politie verschafte opnameapparatuur. Het Europese Hof voor de Rechten van de Mens oordeelde dat sprake was van een interference by a public authority in het privéleven van klager en overwoog in zijn arrest vervolgens:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c2b3a2ef29ca87bf3e3803037392f77c7a9e00c40f73925b08d61c1cc8e499ee. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c2b3a2ef29ca87bf3e3803037392f77c7a9e00c40f73925b08d61c1cc8e499ee, en de alinea staat in dat document op bytes 7608 tot 8236.