Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 februari 2009
Alinea 23 Parket bij de Hoge Raad 10 februari 2009
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 februari 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BH2413.
9. Dat die aard zodanig is dat bewijsuitsluiting dient te volgen, kan - anders dan in de aanvrage wordt gesteld - niet in r.o. 53 van het arrest van het Europese Hof worden gelezen. Het oordeel dat een "minimum degree of protection" ontbrak, heeft betrekking op de kwaliteit van de Nederlandse wetgeving ter zake en zegt niets over de vraag welke consequenties aan de schending van art. 8 EVRM moeten worden verbonden. Ik merk daarbij op dat het Europese Hof in het algemeen niet eist dat schendingen van art. 8 EVRM tot bewijsuitsluiting leiden.(2)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c2b3a2ef29ca87bf3e3803037392f77c7a9e00c40f73925b08d61c1cc8e499ee. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c2b3a2ef29ca87bf3e3803037392f77c7a9e00c40f73925b08d61c1cc8e499ee, en de alinea staat in dat document op bytes 13130 tot 13693.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c2b3a2ef29ca87bf3e3803037392f77c7a9e00c40f73925b08d61c1cc8e499ee | shasum -a 256