Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 april 2009
Alinea 64 Parket bij de Hoge Raad 7 april 2009
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 april 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BH2687.
3.4.2. Hoewel de wetgever dus uiteindelijk heeft gemeend dat met toepassing van art. 414, tweede lid, en art. 418, derde lid, Sv in het algemeen aan het verdedigingsbelang niet tekort wordt gedaan, zal niettemin onder omstandigheden van de verdachte bezwaarlijk kunnen worden gevergd dat hij een of meer getuigen of deskundigen reeds bij de appelschriftuur opgeeft.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bf2cb5eb3dc7d745c28cc28b3ebd536f85d20111b8d66c33516f941bfd5dd770. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bf2cb5eb3dc7d745c28cc28b3ebd536f85d20111b8d66c33516f941bfd5dd770, en de alinea staat in dat document op bytes 21366 tot 21744.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bf2cb5eb3dc7d745c28cc28b3ebd536f85d20111b8d66c33516f941bfd5dd770 | shasum -a 256