Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2009
Alinea 240 Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2009
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BI3413.
9.17 De stellers van het middel voeren voorts aan dat art. 7 van het Besluit ook nog om een andere reden een onvoldoende grondslag biedt om de onderhavige strafzaak in Arnhem te behandelen. De reden daarvoor zou gelegen zijn in het door het LCM gehanteerde criterium dat de zittingsplaats in eerste aanleg (in casu Zutphen als nevenzittingsplaats van de Rechtbank Rotterdam) bepalend is voor de vraag in welke zittingsplaats het bevoegde gerechtshof de zaak behandelt. Aangezien Zutphen in het ressort Arnhem is gelegen, diende het Hof 's-Gravenhage zitting te houden in Arnhem. De reden voor de behandeling in deze nevenzittingsplaats zou aldus, anders dan art. 7 lid 1 Besluit zou eisen, niet gelegen zijn in een gebrek aan voldoende zittingscapaciteit in het Hofressort Den Haag.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dcecd2a6ee989a360c77477dd4bbd94e95dbb219f23e50dbf3a1a1e36dd0cd4d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dcecd2a6ee989a360c77477dd4bbd94e95dbb219f23e50dbf3a1a1e36dd0cd4d, en de alinea staat in dat document op bytes 117369 tot 118164.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dcecd2a6ee989a360c77477dd4bbd94e95dbb219f23e50dbf3a1a1e36dd0cd4d | shasum -a 256