Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2009
Alinea 302 Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2009
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BI3413.
10.30 Dat het OM na een vrijspraak niet in cassatie met een beroep op de onverbindendheid van de regeling een herkansing zou moeten kunnen afdwingen, valt goed te verdedigen. Van het OM mag gelet op zijn magistratelijke positie verwacht worden dat het zijn eventuele bezwaren tegen de behandeling van de zaak in Arnhem direct bij de aanvang van de behandeling ter zitting naar voren brengt. Het OM dient immers rekening te houden met de belangen van de verdachte en ook met het algemene belang dat geen schaarse zittingscapaciteit wordt verspild. Van het OM wordt niet verwacht dat het een eventueel beroep op de onverbindendheid van de regeling afhankelijk maakt van de uitkomst van het proces. Het achter de hand houden van deze troefkaart riekt naar misbruik van procesrecht.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dcecd2a6ee989a360c77477dd4bbd94e95dbb219f23e50dbf3a1a1e36dd0cd4d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dcecd2a6ee989a360c77477dd4bbd94e95dbb219f23e50dbf3a1a1e36dd0cd4d, en de alinea staat in dat document op bytes 163421 tot 164212.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dcecd2a6ee989a360c77477dd4bbd94e95dbb219f23e50dbf3a1a1e36dd0cd4d | shasum -a 256