Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2009

Alinea 313 Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2009

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BI3413.

11.5 Mijn vertrekpunt is dat de beslissing om de zaak op een buitenwettelijke plaats te behandelen is genomen door, of in ieder geval onder verantwoordelijkheid van, het gerechtsbestuur. Buiten beschouwing blijft derhalve wat rechtens zou zijn als de OvJ geheel op eigen houtje, zonder de rechtbank daarin te kennen, de verdachte zou dagvaarden om in bijvoorbeeld Bedum terecht te staan. De bespreking richt zich op het geval dat de zaak door de rechtbank zelf op de desbetreffende locatie is ingeroosterd en dat dienovereenkomstig is geappointeerd. Het gaat daarbij derhalve weliswaar om een beslissing die aan het gerecht kan worden toegeschreven, maar - en dat is niet zonder belang - niet om een beslissing die door de rechters op de terechtzitting is genomen. Een eventueel hoger beroep of beroep in cassatie kan zich daarom niet tegen die beslissing richten. Van een (tussen) vonnis of -arrest is geen sprake. De vraag kan enkel zijn of de onjuiste appointering raakt aan enige beslissing die de behandelende rechter tijdens de behandeling op de terechtzitting dan wel bij wijze van einduitspraak na afloop daarvan dient te nemen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dcecd2a6ee989a360c77477dd4bbd94e95dbb219f23e50dbf3a1a1e36dd0cd4d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dcecd2a6ee989a360c77477dd4bbd94e95dbb219f23e50dbf3a1a1e36dd0cd4d, en de alinea staat in dat document op bytes 171876 tot 173025.