Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2009

Alinea 408 Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2009

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BI3413.

12.42 De oplossing die in de vorige paragraaf is voorgesteld, is dus wellicht te verenigen met art. 6 EVRM. Daarbij passen wel een tweetal kanttekeningen. De eerste kanttekening is dat duidelijk moet zijn dat die oplossing berust op een regel van nationaal recht. Dat kan een probleem vormen doordat de regel niet in de wet staat, maar langs jurisprudentiële weg moet worden gecreëerd. De verenigbaarheid met de verdragseis zal daarom wel eens in belangrijke mate kunnen afhangen van de vraag of de Hoge Raad erin slaagt om "clear and plausible reasons" voor die oplossing aan te dragen, in het bijzonder ook met betrekking tot zijn bevoegdheid om een dergelijke jurisprudentële regeling te treffen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dcecd2a6ee989a360c77477dd4bbd94e95dbb219f23e50dbf3a1a1e36dd0cd4d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dcecd2a6ee989a360c77477dd4bbd94e95dbb219f23e50dbf3a1a1e36dd0cd4d, en de alinea staat in dat document op bytes 249119 tot 249834.