Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2009
Alinea 469 Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2009
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BI3413.
17.4 Als ik het allemaal goed begrijp, proberen de stellers van het middel een slaatje te slaan uit de zin die in de aanvulling op het verkorte arrest aan de weergave van de bewijsmiddelen voorafgaat. Die zin houdt in dat "ieder bewijsmiddel, ook in onderdelen, telkens slechts wordt gebezigd voor het bewijs van het feit waarop het blijkens zijn inhoud betrekking heeft". De stellers van het middel lezen daarin dat het Hof het bewijs van de betrokkenheid bij het bedoelde transport uitsluitend heeft ontleend aan de bewijsmiddelen die zijn opgenomen onder het kopje "In het bijzonder ten aanzien van feit 1, zaak 3.5 [...] en feit 3". Uit die bewijsmiddelen blijkt niet van andere transporten en evenmin van verdachtes rol bij de sgarettensmokkel in het algemeen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dcecd2a6ee989a360c77477dd4bbd94e95dbb219f23e50dbf3a1a1e36dd0cd4d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dcecd2a6ee989a360c77477dd4bbd94e95dbb219f23e50dbf3a1a1e36dd0cd4d, en de alinea staat in dat document op bytes 278252 tot 279030.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dcecd2a6ee989a360c77477dd4bbd94e95dbb219f23e50dbf3a1a1e36dd0cd4d | shasum -a 256