Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2009
Alinea 98 Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2009
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BI3413.
6.1 De mogelijkheid om buiten de hoofdplaats zitting te houden werd in 1933 in de Wet RO opgenomen als compensatie voor de opheffing van een aantal rechtbanken en kantongerechten.(12) De Tweede Kamer vreesde dat de bereikbaarheid van de gerechten in het gedrang zou komen. De langere reistijden van de justitiabelen zouden wel eens tot een toename van het aantal verstekzaken kunnen leiden. Als doekje voor het bloeden werd de mogelijkheid geopend om buiten de hoofdplaats zitting te houden. Aan art. 34 RO werd een derde lid toegevoegd dat inhield dat bij AMvB kon worden bepaald dat in bepaalde kantons ook buiten de hoofdplaats zitting kon worden gehouden in plaatsen die door de AMvB werden aangewezen. Art. 50 lid 2 RO verklaarde daarbij art. 34 lid 3 van overeenkomstige toepassing op de enkelvoudige kamers van de rechtbank. Door deze introductie van wat de "ommegaande" (of reizende) rechter werd genoemd, zou een goede rechtsbedeling verzekerd blijven.(13) De ratio van de nieuw geschapen mogelijkheid was zogezien te waarborgen dat de burger het recht dicht bij huis zou kunnen vinden. De rechter kwam naar de burger toe.(14)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dcecd2a6ee989a360c77477dd4bbd94e95dbb219f23e50dbf3a1a1e36dd0cd4d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dcecd2a6ee989a360c77477dd4bbd94e95dbb219f23e50dbf3a1a1e36dd0cd4d, en de alinea staat in dat document op bytes 28962 tot 30110.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dcecd2a6ee989a360c77477dd4bbd94e95dbb219f23e50dbf3a1a1e36dd0cd4d | shasum -a 256