Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 oktober 2009

Alinea 23 Parket bij de Hoge Raad 13 oktober 2009

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 oktober 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BJ3695.

De raadsman merkt op dat hierover valt te discussiëren nu hij niet eerder opgave van getuigen in de appelmemorie had kunnen doen omdat hij in de onmogelijkheid verkeerde tijdig kennis te nemen van het vonnis waarvan beroep met de daarin opgesomde bewijsmiddelen en opgenomen bewijsoverwegingen, aangezien de rechtbank Haarlem niet direct vonnis heeft gewezen.(2) Zijns inziens dient met name voor de getuige [getuige 1] het criterium van het "verdedigingsbelang" te gelden, nu het proces-verbaal, houdende haar verklaring bij de politie, als bewijsmiddel is gebezigd en hij in eerste instantie niet gevraagd had deze getuige door de rechter-commissaris te doen horen, zoals wel is gebeurd ten aanzien van de overige twee door hem opgegeven getuigen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b59d8d3982ba43fc277db34398f26bb373ded7c2f0de9e6032273ab14df4ec13. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b59d8d3982ba43fc277db34398f26bb373ded7c2f0de9e6032273ab14df4ec13, en de alinea staat in dat document op bytes 10270 tot 11033.