Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 oktober 2009

Alinea 54 Parket bij de Hoge Raad 13 oktober 2009

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 oktober 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BJ3695.

- in EHRM 24 april 2007 nr 17122/02 (B. v. Finland) was hetzelfde gebeurd met een videotape, maar hadden de verdachte en de verdediging wel de gelegenheid gekregen om het kind tijdens het vooronderzoek te ondervragen. Van die gelegenheid hadden zij evenwel geen gebruik gemaakt. Een verdere bijzonderheid was dat het slachtoffer na de veroordeling in eerste aanleg op zijn verklaring was teruggekomen; het hof gelastte geen aanvullend onderzoek, hetgeen viel binnen zijn discretionaire bevoegdheid om te beslissen over de relevantie en de toelaatbaarheid van het bewijs. Geen schending.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b59d8d3982ba43fc277db34398f26bb373ded7c2f0de9e6032273ab14df4ec13. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b59d8d3982ba43fc277db34398f26bb373ded7c2f0de9e6032273ab14df4ec13, en de alinea staat in dat document op bytes 22058 tot 22657.