Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 oktober 2009

Alinea 164 Parket bij de Hoge Raad 23 oktober 2009

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 oktober 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BJ7331.

4.48 In klacht 2 zet het middel uiteen wat voor soort overeenkomst partijen gesloten hebben, namelijk (aldus het middel) een gedetailleerde samenwerkingsovereenkomst van drie aandeelhouders in een kapitaalvennootschap die feitelijk als een maatschap functioneert, welke met bijstand van een ter zake deskundige notaris is opgesteld en waarbij partijen uitvoerig bij de betekenis en gevolgen daarvan hebben stilgestaan. Het middel klaagt er voorts over dat het hof heeft miskend dat in een dergelijke overeenkomst als uitgangspunt beslissend gewicht moet worden toegekend aan de meest voor de hand liggende taalkundige betekenis van die woorden gelezen in het licht van de overige, voor de uitleg van de overeenkomst relevante bepalingen van de overeenkomst. Het hof had, zo vervolgt het middel, niet althans niet zonder nadere motivering van de taalkundige betekenis van de woorden van de overeenkomst mogen afwijken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/210bb3bd647974abb8191b0dba654d46c7b47eefbf7471c7234feb46309cea32. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 210bb3bd647974abb8191b0dba654d46c7b47eefbf7471c7234feb46309cea32, en de alinea staat in dat document op bytes 72206 tot 73136.