Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 oktober 2009

Alinea 197 Parket bij de Hoge Raad 23 oktober 2009

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 oktober 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BJ7331.

10 [Eiseres] c.s. hebben tevens op de eerstdienende dag (21 november 2008) een incidentele vordering tot zekerheidstelling ex art. 235 Rv ingediend. Zij hebben gevorderd dat aan het door het hof uitvoerbaar bij voorraad verklaarde arrest van 7 augustus 2008 de voorwaarde wordt verbonden dat [verweerder] c.s. voor het door [eiseres] c.s. te betalen bedrag aan hoofdsom en rente zekerheid stellen in de vorm van een bankgarantie, af te geven door een Nederlandse bank met een volledige bankvergunning van De Nederlandsche Bank, welke opeisbaar is indien en zodra de Hoge Raad het bestreden arrest heeft vernietigd en waarop gedurende minimaal één maand na het door de Hoge Raad te wijzen arrest aanspraak kan worden gemaakt. In die incidentele procedure (welke procedure hetzelfde rolnummer heeft als de onderhavige procedure, te weten: 08/04835) heeft de Hoge Raad bij arrest van 10 juli 2009 (NJ 2009, 364) de vordering van [eiseres] c.s. afgewezen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/210bb3bd647974abb8191b0dba654d46c7b47eefbf7471c7234feb46309cea32. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 210bb3bd647974abb8191b0dba654d46c7b47eefbf7471c7234feb46309cea32, en de alinea staat in dat document op bytes 88181 tot 89147.