Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 oktober 2009

Alinea 210 Parket bij de Hoge Raad 23 oktober 2009

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 oktober 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BJ7331.

23 Morée/Beenders 2008, (T&C Rv), art. 149 Rv, aant. 2a. Zie ook de door Van den Brink beschreven zeven fasen die een rechter moet doorlopen om tot een vaststelling van feiten te komen in: V. van den Brink, 'Stellen, betwisten, bewijzen - een handleiding', Praktisch Procederen, 2008, 4, p. 89-100; het onderhavige oordeel van het hof moet worden beoordeeld aan de hand van fasen 1 en 2 (stellen en betwisten), de overige fasen (betreffende het bewijs) zijn in casu niet aan de orde. Vgl. G.J. Visser, 'Stellen en bewijzen: de drie stadia en enkele van hun consequenties', TCR 1997, 4, p, 73-77; in casu is alleen stadium 1 van Visser (stellen versus betwisten) relevant.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/210bb3bd647974abb8191b0dba654d46c7b47eefbf7471c7234feb46309cea32. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 210bb3bd647974abb8191b0dba654d46c7b47eefbf7471c7234feb46309cea32, en de alinea staat in dat document op bytes 93408 tot 94097.