Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 november 2009

Alinea 39 Parket bij de Hoge Raad 27 november 2009

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 november 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BJ7832.

2.9 Omtrent [betrokkene 2] is niet veel meer gebleken dan dat hij chef was van de snijafdeling en dat aan hem de verantwoordelijkheid voor de gang van zaken op die afdeling, waaronder het omgaan met de carrouselsnijmachine, was toevertrouwd. Wat die post concreet inhield en welke plaats de snijafdeling in het gehele bedrijf van [eiseres] innam, is verder ten processe niet uit de verf gekomen. Wat omtrent [betrokkene 2] ten processe is gebleken is bijgevolg onvoldoende om te kunnen aannemen dat [betrokkene 2] binnen [eiseres] een positie innam die op het vlak van besturen van en leiding geven aan de vennootschap min of meer gelijkwaardig was aan de positie van hen die krachtens de wet en/of statuten belast waren met het besturen en leiden van [eiseres]. Dat brengt weer mee, zoals volgt uit hetgeen hierboven in 2.8 is opgemerkt, dat een voldoende grondslag ontbreekt voor het - binnen het verband van artikel 83c Zfw - kunnen toerekenen van bewuste roekeloosheid bij [betrokkene 2] aan [eiseres] in die zin dat die bewuste roekeloosheid kan worden opgevat als bewuste roekeloosheid van haar zelf als werkgeefster.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bf6cf0cd083932722ad1ed417a99e78b7a52e9ff8854eb6d14e8c0914c85c76e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bf6cf0cd083932722ad1ed417a99e78b7a52e9ff8854eb6d14e8c0914c85c76e, en de alinea staat in dat document op bytes 21912 tot 23048.