Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 december 2009

Alinea 12 Parket bij de Hoge Raad 8 december 2009

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 december 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BK0949.

6. In het belang van de rechtseenheid en de rechtsontwikkeling veroorloof ik mij nog een enkele opmerking. In genoemd arrest heeft de Hoge Raad art. 7 van het Besluit nevenvestigings- en nevenzittingsplaatsen aldus uitgelegd dat de regering daarin voor elk van de gerechtshoven de hoofdplaatsen van de andere ressorten als nevenzittingsplaatsen heeft aangewezen. Het gaat daarbij derhalve om een "ruime, en in de tijd onbeperkte, aanwijzing". De Hoge Raad constateert daarbij dat de Raad voor de rechtspraak in art. 2 van het Aanwijzingsbesluit nevenzittingsplaatsen megastrafzaken aan deze aanwijzing "een beperkte uitvoering" heeft gegeven. Dezelfde constatering zal gedaan kunnen worden ten aanzien van de andere "aanwijzingsbesluiten" (die die naam dus eigenlijk niet verdienen) die van de Raad voor de rechtspraak zijn uitgegaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3a3ec8cd3f23c7ed292133b755f89fa6b7a78d1f55beed111efbf2d0b020a210. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3a3ec8cd3f23c7ed292133b755f89fa6b7a78d1f55beed111efbf2d0b020a210, en de alinea staat in dat document op bytes 6139 tot 6986.