Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 januari 2010

Alinea 39 Parket bij de Hoge Raad 5 januari 2010

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 januari 2010, ECLI:NL:PHR:2010:BJ9240.

"U zegt mij dat [slachtoffer 1] in zijn aangifte verklaart dat hij geld aan mij moest betalen omdat hij dat schuldig zou zijn aan de SSC en hij zou klappen van mij hebben gehad. Ik wil hier graag op zeggen dat de rechtbank teveel aanneemt dat de aangever altijd gelijk heeft. Dat hoeft liet altijd zo te zijn, toch? Hij heeft het verhaal veel te veel opgeblazen. Hij was zelf betrapt en zijn stiefvader heeft hem toen meegenomen naar het bureau om aangifte te doen. Hij handelde in sigaretten én omdat ik veel rookte kocht ik wel eens sigaretten bij hem. Ik had vooruit betaald, maar hij leverde vervolgens mijn sigaretten niet. Daar neb ik steeds bij hem over geklaagd. Ik wilde óf mijn geld terug óf alsnog de sigaretten krijgen die ik had besteld en betaald. Daar had ik récht op, maar ik heb daar niets meer van gezien. En dat is niet erg, maar ik wil alleen niet terechtstaan voor afpersing als ik dat niet heb gedaan. Ik had [slachtoffer 1] 150 euro betaald. Ik wil niet zeggen dat ik hem onder druk heb gezet, maar we waren geen vrienden meer. We waren ook geen vijanden, maar we gingen gewoon niet meer met elkaar om. Ik heb hem gewoon gevraagd: 'Hoe zit het met mijn sigaretten, ik heb nog niets gezien'. Hij zei steeds dat ik hem maar even moest bellen."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/789055ee7304a7ab3fef537ebd12764e0122a5c6450fae4521a51f76f78ee080. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 789055ee7304a7ab3fef537ebd12764e0122a5c6450fae4521a51f76f78ee080, en de alinea staat in dat document op bytes 17150 tot 18431.