Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 januari 2010
Alinea 51 Parket bij de Hoge Raad 5 januari 2010
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 januari 2010, ECLI:NL:PHR:2010:BJ9240.
16. Dat brengt mij op de vraag of de rechter door hier te spreken van "vaststaande feiten" en dat nog wel in kennelijk de onjuiste veronderstelling dat deze niet zijn betwist, de hem opgedragen taak heeft miskend. Heeft de rechter zich laten leiden door de gedachte dat de verklaring van [slachtoffer 1] niet werd betwist en heeft de rechter daarom als vaststaand aangenomen dat [slachtoffer 1] werd afgeperst, dan is dat inderdaad het geval. Heeft de rechter wel een zelfstandig onderzoek gedaan naar de materiële waarheid en heeft hij geloof gehecht aan de verklaring van [slachtoffer 1] omdat deze niet werd betwist, dan is de rechter bij zijn oordeel over de geloofwaardigheid van de verklaring van [slachtoffer 1] uitgegaan van een onjuiste veronderstelling, te weten dat diens verklaring niet werd betwist. Dit betekent dat het oordeel dat [slachtoffer 1] is afgeperst in beide gevallen onvoldoende is gemotiveerd, ook al heeft het Hof ter verantwoording van zijn oordeel verwezen naar diens verklaring.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/789055ee7304a7ab3fef537ebd12764e0122a5c6450fae4521a51f76f78ee080. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 789055ee7304a7ab3fef537ebd12764e0122a5c6450fae4521a51f76f78ee080, en de alinea staat in dat document op bytes 23954 tot 24977.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/789055ee7304a7ab3fef537ebd12764e0122a5c6450fae4521a51f76f78ee080 | shasum -a 256