Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 februari 2010

Alinea 74 Parket bij de Hoge Raad 5 februari 2010

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 februari 2010, ECLI:NL:PHR:2010:BK0871.

Middelonderdeel 2.2.2 klaagt dat het hof althans niet (kenbaar) heeft onderzocht of het Hoogheemraadschap met de brief van 25 januari 1994 en een uitlating van de dijkgraaf van 2 juni 1993, de te honoreren verwachting heeft gewekt dat tot aan het einde van het lopende erfpachtstijdvak geen toepasselijkheid zal worden afgedwongen van aangepaste voorwaarden (zoals met betrekking tot wijziging van de (berekening van de hoogte van de) canon). Ook dit middelonderdeel faalt bij gebrek aan feitelijke grondslag nu het hof dit in rechtsoverweging 3.24 wel (voldoende kenbaar) heeft onderzocht. Dat het hof niet expliciet is ingegaan op de uitlating van de dijkgraaf is niet onbegrijpelijk. Die uitlating dateert van vóór de brief van 25 januari 1994 en is in deze brief geformaliseerd. Derhalve kon het hof volstaan met zijn gemotiveerde verwerping van de stelling van [verzoekster] dat door deze brief een bepaald te honoreren vertrouwen is gewekt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/402bbd7ed9cf7778fdf3c3d22387b0dad1542cb182619aab17c4ab3c6f52c3e9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 402bbd7ed9cf7778fdf3c3d22387b0dad1542cb182619aab17c4ab3c6f52c3e9, en de alinea staat in dat document op bytes 36714 tot 37675.