Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 februari 2010
Alinea 232 Parket bij de Hoge Raad 19 februari 2010
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 februari 2010, ECLI:NL:PHR:2010:BK4476.
3.28 In zijn annotatie van het hiervoor genoemde arrest van de Hoge Raad van 24 juni 1992, NJ 1993, 548 waarin is geoordeeld dat de economisch eigenaar geen eigenaar is in de zin van art. 3 Ow en dat hij dus geen eigen recht heeft op vergoeding van schade die hij lijdt als gevolg van de onteigening, heeft Mörzer Bruyns onder meer geconstateerd dat het merkwaardige feit zich voordoet dat de juridisch eigenaar die wel in het geding is, eigenlijk geen schade lijdt omdat hij de waarde van de onroerende zaak al heeft ontvangen ten tijde van de verkoop van zijn economisch belang bij de zaak. Volgens Mörzer Bruyns zal men er niettemin van uit moeten gaan dat er niet onteigend kan worden zonder vergoeding van de werkelijke waarde aan de juridisch eigenaar die dit 'voordeel' zal moeten afstaan aan de economisch eigenaar. Gecompliceerder wordt het z.i. echter indien de economisch eigenaar ook bijkomende schade heeft omdat dan de vraag rijst of de juridisch eigenaar deze schade die hij niet zelf lijdt, wel kan claimen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5450a2fac02ed74924b704d42b5487636bb8af139eebefb80cd6840e7309d2a3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5450a2fac02ed74924b704d42b5487636bb8af139eebefb80cd6840e7309d2a3, en de alinea staat in dat document op bytes 60997 tot 62036.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5450a2fac02ed74924b704d42b5487636bb8af139eebefb80cd6840e7309d2a3 | shasum -a 256