Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 april 2010
Alinea 59 Parket bij de Hoge Raad 9 april 2010
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 april 2010, ECLI:NL:PHR:2010:BK4549.
3.16. Onderdeel 3.5 klaagt dat, anders dan het hof in rov. 5.2 overweegt, wel degelijk van belang is dat vrouwen die als gevolg van het `vrouwenstandpunt' zich niet voor de SGP verkiesbaar kunnen stellen voor een algemeen vertegenwoordigend orgaan, de mogelijkheid hebben zelf een politieke partij op te richten of zich aan te sluiten bij een andere politieke partij. Volgens het middelonderdeel heeft het hof miskend dat art. 7 Vrouwenverdrag de verdragsstaten een zekere beoordelingsvrijheid laat en daarom de Staat niet noopt tot onmiddellijk ingrijpen bij een politieke partij. Binnen het spectrum van alle politieke partijen, beschouwd als één geheel, is volgens het middelonderdeel in Nederland voldoende verzekerd dat vrouwen lid kunnen worden van een partij die wel bereid is vrouwen op gelijke voet met mannen voor te dragen voor verkiezingen van algemene vertegenwoordigende organen. Het middelonderdeel wijst in dit verband op (rov. 2.14.2 van) de uitspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State van 5 december 2007(16). Het oordeel van het hof is met die uitspraak niet te rijmen en ook daarom onvoldoende gemotiveerd, aldus de klacht.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2b02ce3aedbd87da4acc2bd72d19070c3161c19b58b0ce82a14b0bb9dbd92691. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2b02ce3aedbd87da4acc2bd72d19070c3161c19b58b0ce82a14b0bb9dbd92691, en de alinea staat in dat document op bytes 40801 tot 41983.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2b02ce3aedbd87da4acc2bd72d19070c3161c19b58b0ce82a14b0bb9dbd92691 | shasum -a 256