Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 april 2010

Alinea 91 Parket bij de Hoge Raad 9 april 2010

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 april 2010, ECLI:NL:PHR:2010:BK4549.

3.40. Verder klaagt het middelonderdeel dat het hof een ontoelaatbare onduidelijkheid laat bestaan over de gevolgen, die een eventuele zelfopheffing van de SGP zou kunnen hebben voor de pluriformiteit. Deze klacht, in wezen een motiveringsklacht, faalt omdat het hof een begrijpelijke weerlegging van deze stelling heeft gegeven. Het hof heeft zich niet begeven in een voorspelling van de gevolgen wanneer de inbreng van de SGP in het politieke debat zou wegvallen. Dat lijkt mij juist: het zou een delicate beslissing hebben gevergd over de vraag of de rol, die de SGP als `beginselpartij' momenteel vervult in het politieke debat, kan worden overgenomen door een of meer andere politieke partijen. Het niet verder uitwerken van de mogelijke gevolgen van een eventuele zelfopheffing van de SGP maakt de beslissing over de vordering van de belangenorganisaties nog niet onbegrijpelijk voor de lezer.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2b02ce3aedbd87da4acc2bd72d19070c3161c19b58b0ce82a14b0bb9dbd92691. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2b02ce3aedbd87da4acc2bd72d19070c3161c19b58b0ce82a14b0bb9dbd92691, en de alinea staat in dat document op bytes 65757 tot 66669.