Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 maart 2010

Alinea 61 Parket bij de Hoge Raad 5 maart 2010

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 maart 2010, ECLI:NL:PHR:2010:BK8635.

Het hof heeft het aldaar gestelde kennelijk en, in het licht van het voorgaande niet onbegrijpelijk, opgevat als een verklaring voor het feit dat [verweerder] zijn uit de mededeling van de rechter-commissaris voortvloeiende verplichting tot afgifte van de administratie niet is nagekomen, welke verklaring het hof niet overtuigend heeft geacht. Het middel komt tegen de begrijpelijkheid van dit oordeel niet op.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a5bfbfb2b3365235a327cdc2cd8a686ad6ea1eb8db25e95d72044381e166e9be. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a5bfbfb2b3365235a327cdc2cd8a686ad6ea1eb8db25e95d72044381e166e9be, en de alinea staat in dat document op bytes 36881 tot 37306.